Regionaal Crisisnetwerk bestaat 30 jaar

Regionaal Crisisnetwerk bestaat 30 jaar

Het Regionaal Crisisnetwerk viert in 2024 zijn dertigste verjaardag. Daarom interviewden we een aantal partners binnen het RCK. Veel leesplezier.

Afbeelding
Welzijn13 logo

Liesbet Benoit werkt al 26 jaar als netwerkcoördinator bij het Regionaal Crisisnetwerk (RCK). Zij ondersteunt het samenwerkingsverband waarin hulpverleners worden bijgestaan wanneer een persoon in een crisissituatie terechtkomt. Daarnaast zet zij heel hard in op de crisissituaties zelf. 

“We bekijken ’s morgens wie er opgenomen is in het crisisnetwerk en in welke studio ze verblijven. Dagelijks is er contact met de telefoonpermanentie om te horen hoe de aanmeldingen zijn verlopen en of er nog extra informatie is voor mij. Daarna ga ik samen met hulpverleners en het CAW na wat de volgende stappen zijn voor de mensen die in het crisisnetwerk verblijven. Vervolgens volgen we hen op, kijken we of de persoon terugkomt in het Regionaal Crisisnetwerk en wat er nodig is om tot een oplossing te komen. Wat we vooral beogen met het Regionaal Crisisnetwerk is dat mensen 's nachts tot rust kunnen komen.” 

1 bed, 1 locatie 

“Er zijn drie reguliere bedden, zoals dat heet. Eén studio wordt gehuurd van SW+, de woonmaatschappij in Kortrijk. We kunnen ook een beroep doen op een kamer binnen het CAW. Tot slot zijn er twee ziekenhuizen om de beurt van permanentie. Normaal blijft iemand één nacht, al kijken we naar de situatie en wanneer nodig kan een persoon twee of drie nachten blijven.” 

“Sinds vorig jaar hebben we ook een extra studio voor het RCK voor grotere gezinnen. Daar kan een gezin tot vijf personen terecht. Deze studio zien we los van de permanentiebedden en een gezin kan er tot drie weken blijven. In die drie weken verwacht ik dat de verwijzende dienst de opvolging doet en een paar keer in de week langsgaat en zoekt naar een ander oplossing.” 

Eten en douchen 

“In elke studio voorzien we een bed met een pakket droge voeding. Waarom droge voeding? Ik weet nooit op voorhand wie waar wordt opgenomen en dan ligt dat al klaar. Bij mensen die langer in het RCK verblijven hebben we een afspraak dat we ook eens kunnen langsgaan bij Food Act 13. Zo is er ook genoeg verse voeding, wat een basisbehoefte is. Daarnaast krijgen ze ook de kans om zich te douchen.” 

Evolutie 

“Vroeger waren er veel opvangadressen in de regio (onthaaltehuizen, kloosters, particulieren, enz.). Door de wijzigingen in het welzijnslandschap zijn we tot 3 bedden gekomen. Het is wel een blijvend aandachtspunt om meer plaatsen te zoeken, omdat het huidig systeem veel vraagt van de betrokken partners, met name CAW en de ziekenhuizen. 

Ruim netwerk 

“Er is dagelijks contact met politiezone VLAS omdat zij de telefoonpermanentie doen en zij na 17 uur de sleutels bezorgen aan mensen die in het RCK terechtkomen. Daarnaast werk ik nauw samen met het CAW en de OCMW’s omdat zij vaak samen mensen aanmelden. Daarbij verwacht ik dat zij de cliënt terugzien. Verder heb ik contacten met de Geestelijke Gezondheidszorg, het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, drughulpverlening en Opgroeien. Dat komt omdat er veel diverse situaties zijn en je altijd zoekt naar goede oplossingen.” 

Verschillende profielen 

“Er komen allerlei profielen terecht in het RCK. Mensen die in een relatie uit huis zijn gezet, jonge mensen die bijvoorbeeld uit jeugdhulp komen en de stap naar volwassenheid niet kunnen zetten. Soms is er sprake van intrafamiliaal geweld, wordt iemand uit huis gezet, moeten mensen die verbleven bij kennissen en familie vertrekken ...” 

RCK-pieken 

“Iedereen denkt dat ik bij het Regionaal Crisisnetwerk overladen ben tijdens de winter, maar dat valt mee. Op het moment dat het mooi weer begint te worden zie ik meer crisissituaties. Het is een hypothese, maar ik denk dat mensen elkaar tijdens de winter elkaar meer opvangen en verdragen dan bij warmer weer. Daarnaast zie ik soms een trend dat sommige mensen steeds op hetzelfde moment van het jaar terugkomen in het RCK.” 

“Ik haal de meeste voldoening uit de ‘kleine succesjes’ van mijn job. Ondanks de complexe doelgroep heeft het me toch een erg goed gevoel wanneer ik iemand een stap vooruit kan helpen. Ook uit een consult met een hulpverlener kan ik heel wat voldoening halen." 

Afbeelding

 

CAW Zuid-West-Vlaanderen is een belangrijke partner binnen het regionaal crisisnetwerk (RCK). Zo stelt het CAW verschillende bedden ter beschikking. Met Rudy Schollaert en Natalie Van Assche hebben ze bovendien twee medewerkers lopen die samen meer dan 50 jaar RCK-ervaring hebben.

Rudy: "Ik ben van bij de opstart, intussen 30 jaar geleden, betrokken bij het regionaal crisisnetwerk. Momenteel ben ik lid van de kerngroep en het casusoverleg."

Gezin opvangen

Natalie: "Ik ben al 23 jaar bij RCK betrokken. In het begin deed ik letterlijk de deur open in de toenmalige vrouwenopvang om personen binnen te laten. Later om een crisisbed ter beschikking te stellen. Nu zit ik al een tijd in het casusoverleg."

Rudy: "CAW bemant het eerste en derde crisisbed ter beschikking. We hebben dus een groot aandeel in het regionaal crisisnetwerk. Sinds kort heeft het crisisnetwerk bovendien een extra mogelijkheid om een gezin op te vangen voor enkele weken. Zo kunnen we helpen vermijden dat kinderen op straat moeten slapen."

Groeiende complexiteit

Natalie: "Rudy en ik draaien al lang mee in RCK en we hebben toch wel een evolutie gezien. Zo is de problematiek van personen die een crisisbed krijgen complexer geworden. De aangemelde personen zijn ook jonger en vaker een vrouw én we zien meer anderstaligen."

Rudy: "Belangrijk is ook dat RCK een intersectoraal verhaal is, zeker door de groeiende complexiteit van casussen. In die zin is een keuze voor gedeelde zorg een must: als we samenwerken en iedereen een bijdrage levert, dan gaan we vooruit."

Brug naar hulpverlening

Rudy: "Er zijn allerlei redenen waarom iemand plots een beroep moet doen op een crisisbed. Dat kan bijvoorbeeld om een geweldsituatie binnen het gezin gaan. Bij CAW Zuid-West-Vlaanderen hebben wij medewerkers die mensen opvangen en begeleiden die met intrafamiliaal geweld werden en worden geconfronteerd. RCK is voor bijvoorbeeld deze personen een brug naar hulpverlening."

Afbeelding

 

Luc Colman maakt al een aantal jaar deel uit van het casusoverleg van het regionaal crisisnetwerk (RCK). Hij vertegenwoordigt er Groep Ubuntu. "Vanuit Groep Ubuntu hebben we ons geëngageerd in RCK omdat er soms aanmeldingen gebeuren van personen met een (vermoeden van) beperking. In zulke dossiers vinden we het belangrijk om te kijken of we een oplossing kunnen bieden."

"Heeft de aangemelde persoon een licht verstandelijke beperking, dan wordt bekeken of die al dan niet psychisch kwetsbaar is. Dat vraagt een andere aanpak. En soms is het niet altijd duidelijk of iemand een beperking heeft. Omdat er geen diagnose bestaat. Hoe dan ook, als er bij een persoon een vermoeden van een beperking is, kan Groep Ubuntu die ondersteunen. Wat niet altijd gemakkelijk is: de Rechtstreeks Toegankelijke Hulp, bijvoorbeeld, zit al sinds 2018 overvol."

Iedereen draagt bij

"In de meerderheid van de aanmeldingen gaat het om personen waarbij er geen (vermoeden van) beperking is, maar toch probeer ik zo vaak mogelijk aanwezig te zijn op de casusoverleggen. Ik vind: als je je voor iets engageert, dan moet je dat engagement opnemen en proberen om door een open blik een bijdrage te leveren. De partners binnen het casusoverleg appreciëren dat alvast."

"Binnen RCK werken de verschillende partners uit verschillende disciplines heel goed samen en willen zich engageren. Dat is meteen de grote sterkte van deze samenwerking. Wat moeilijker loopt, is de zoektocht naar antwoorden op bepaalde complexe vragen. Iedereen probeert bij te dragen tot een oplossing, maar dat is lang niet altijd vanzelfsprekend. En nog een persoonlijke opmerking: soms blijft een casus je bij en stel je jouw een aantal maanden later de vraag hoe het met die persoon zou zijn. Daar ben ik wel eens nieuwsgierig naar." 

Digitale wereld is duurder

"In een ideale wereld zou er geen regionaal crisisnetwerk moeten bestaan. Maar dat is natuurlijk een utopie, want het RCK is meer dan nodig. De maatschappij is bovendien nog veel complexer geworden, meer mensen hebben het moeilijker. De digitale wereld is veel duurder dan de analoge wereld en dat heeft een weerslag op het budget van gezinnen."

Afbeelding

Ann Maes werkt al 16 jaar bij CAW Zuid-West-Vlaanderen. De laatste 4 jaar is ze heel nauw betrokken bij het Regionaal Crisisnetwerk (RCK). "Ik ben de morgen na hun verblijf in een crisisstudio de eerste persoon die ze zien", vertelt Ann. "Ik ga rond 8.30 uur-9 uur langs en probeer hen op hun gemak te stellen. Dat is soms ook nodig, want het gebeurt dat die mensen een heftige situatie meegemaakt hebben of meemaken."

Samen bellen

"Voor ik naar de RCK-studio's ga - er zijn er twee - heb ik al contact gehad met de coördinator. Welke kamers zijn bezet? Waarom zitten die personen in RCK? Belangrijk is dan ook om te weten of de personen in kwestie een hulpverlener hebben die hen begeleidt én of die weet dat zijn of haar cliënt de nacht heeft doorgebracht in RCK."

"Krijgt een cliënt al begeleiding van een maatschappelijk werker, dan bellen we die samen op. Ik zet mijn gsm dan op luidspreker, zodat ook de cliënt alles kan horen en kan inpikken in het gesprek. We spreken dan ook af wat de volgende stap is. Worden de personen in de RCK-studio niet begeleid, dan kunnen we een beroep doen op een permanentie."

"In elk geval: als blijkt dat er niet meteen een oplossing voorhanden is - als er bijvoorbeeld sprake is van intrafamiliaal geweld - kan er beslist worden dat de persoon/personen een nacht langer mag/mogen blijven."

Intrafamiliaal geweld gestegen

"Ik ga nu al 4 jaar langs in de RCK-studio's, maar toch heb ik het soms nog moeilijk. Bijvoorbeeld als ik 's morgens merk dat er een jongere daar heeft geslapen. Dan breekt mijn moederhart wel, want je ziet een jong iemand zonder netwerk. Net als het zien van vrouwen die met intrafamiliaal geweld te maken hebben en gevlucht zijn met hun kinderen."

"Sinds corona is het aantal gevallen van intrafamiliaal geweld gestegen. Vaak gaat het om mensen uit andere culturen, merken we. De vrouwen die hiermee te maken hebben, verhuizen in principe naar een van de vluchthuizen in Vlaanderen. Naar Roeselare of Gent, bijvoorbeeld. Voor hen is dit niet vanzelfsprekend en daarom gaan we met hen mee naar het station en zelfs het perron. Zo voelen ze zich toch wat veiliger."

Samenwerking met Food Act 13

"In principe blijft iemand dus voor één nacht. Eens die persoon is vertrokken, ruim ik de kamer op, doe ik de afwas, ververs ik de lakens en handdoeken … Ik vind het belangrijk dat de bedden opgemaakt zijn: iemand die in een crisisstudio komt, moet zich een beetje op zijn gemak kunnen voelen."

"Ik bekijk ook telkens of er nog voeding genoeg aanwezig is. In elke studio is er een basispakket aanwezig: noedels, koffie, thee, melk, water, beschuiten … Zo kunnen personen die aankomen nog altijd iets eten. Blijft iemand enkele nachten in de crisisstudio, dan bekijken of die persoon zelf eten kan kopen. Is dat niet zo, dan halen we bij Food Act 13 verse voeding op. Dat is een meerwaarde voor de werking."

Afbeelding

Politiezone Vlas, actief in Kortrijk, Kuurne en Lendelede, is een van de partners binnen het Regionaal Crisisnetwerk (RCK). Coördinator Liesbet Benoit werkt nauw samen met de dispatch, die uit 12 personen bestaat. "We zijn altijd bereikbaar", is te horen bij de dispatchers. "Toch worden we vooral na 17 uur met crisissituaties geconfronteerd, buiten de kantooruren dus."

Win-winsituatie

"We krijgen regelmatig te maken met personen die door omstandigheden plots geen dak meer boven hun hoofd hebben. Dan zijn wij als dispatching de eerste filter, een buffer voor de hulpverleners. Wij kijken namelijk of de persoon onder invloed is van alcohol of drugs. Is dat zo, dan kan er voor ons geen sprake zijn van RCK. Ook voor iemand die illegaal in ons land verblijft, zijn we heel streng. De vierde voorwaarde is dat de persoon in kwestie een band heeft met de regio."

"Het hoeft wellicht gezegd niet dat, hoewel de politie en RCK twee verschillende werelden zijn, we eigenlijk hetzelfde cliënteel hebben. Dat is wel eens een voordeel. Als iemand in aanmerking komt voor RCK, maar die persoon heeft nog een openstaand dossier bij ons - hij of zij staat bij ons bijvoorbeeld geseind als een verdwijning - dan kunnen we dit meteen in orde brengen. Zo creëer je een win-winsituatie."

Niet in de kou blijven staan

"We worden als politiezone Vlas ook regelmatig uitgenodigd voor de kerngroep. Dat is interessant voor ons omdat je over - geanonimiseerde - dossiers verschillende meningen hoort. Daaruit leer je als dispatcher ook."

"Als politiezone zien we zeker de meerwaarde van het regionaal crisisnetwerk. De samenwerking met coördinator Liesbet is na al die jaren gegroeid. We begrijpen elkaar, hebben soms maar een half woord nodig om te weten wat de ander wil zeggen. Wel ligt de eindbeslissing om iemand tot RCK toe te laten bij haar, al geven wij haar altijd advies. Hoe dan ook hebben we vertrouwen in RCK, dat via het crisisbed een opstap is naar begeleiding. Zo blijft een persoon in een crisissituatie zowel letterlijk als figuurlijk niet in de kou staan."